Aantrekking
Als ik niet minstens driemaal per week op de fiets stap, ga ik achteruit. Stap ik vaker op de fiets, dan stort ik na een dag of vijf in. Weliswaar dien ik mijn grenzen te verleggen, maar het blijft jongleren. Vandaag maakte ik een ritje naar de boulevard, mijn zoon vergezelde me. Ik maakte de fout door onophoudelijk op hem te vitten onderweg, eenvoudig omdat zijn eenzelvige gedrag achter de pc me danig was gaan hinderen. Ik denk dat ik een afschuwelijk persoon ben in de eerste uren dat hij wakker is, het leven moet niet te harden zijn wanneer je je toevallig in mijn buurt bevindt nadat ik net ben ontwaakt. Mijn eerste uur was ooit berucht, maar dat heb ik nu nodig om op krachten te komen. Het eerste uur is dus verschoven naar het tweede, waarin mijn ochtendhumeur de kop opsteekt. Ik denk dat ik mijn derde uur al was ingegaan toen ik bij mijn vaste haringkraam mijn portie vis bestelde en voor mijn zoon patat in een enorme puntzak. Er stonden drie zeer jeugdige meisjes te wachten, in gezelschap van hun vader. Ze droegen uniform een spijkerrokje en een strak topje, kortom: kleding waar ik in het geheel niet van houd. Eén van de meisjes keek me aan, ik weet niet hoe, en ik weet ook niet hoe ik terugkeek. We hadden beiden moeite de ogen van elkaar af te houden, ondanks het enorme leeftijdsverschil. Pure aantrekking heeft niets met seksualiteit te maken. Het is lot.


