De witte krokodil (1)
Toen ik het graf van mijn grootmoeder Sie Swan Nio voor de derde keer had bezocht in Ungaran op Java, bedacht ik dat een bezoek aan haar geboorteplaats mij misschien een frisser idee van haar leven zou geven. Rond een graf is het eeuwig herfst, in een graf eeuwig winter. Ik verlangde naar de lente.
Kediri, Oost-Java, ligt op een dagreis per auto van Semarang. Toen we het stadje binnenreden keek ik hongerig om me heen, met ogen die 100 jaar terug in de tijd wilden kijken. Bij het oversteken van de rivier liet ik de chauffeur mij midden op de brug afzetten. Ik wilde gaan staren over rivier de Brantas. Mijn begeleiders, een bevriende muzikant en een ingehuurde Chinese chauffeur, een hypernerveuze wegpiraat, moesten om mij lachen. Ze begrepen mij niet.
In de avond at ik met mijn begeleiders van een enorme goerami, gevangen uit Rivier de Brantas. De vis was zo groot, dat we hem niet opkregen. Daarna wandelde ik alleen in het maanlicht langs de oever van de rivier, waar het bijna Hollands waaide. Ik kreeg het gevoel voor altijd daar te willen blijven wonen.
Rond middernacht zat ik voor de kleine bungalow in een nieuw hotelcomplex en hoorde een tokeh zevenmaal roepen. Zeven keer! Wat een geluk! Een klein Chinees meisje liep voorbij en ik keek haar na.
Anno 1900 zal mijn grootmoeder Swan Nio ongeveer tien jaar oud zijn geweest. Een klein Chinees meisje. Toch moet zij toen al beter hebben kunnen lopen dan haar moeder, een Chinese vrouw met traditioneel ingebonden lotusvoeten. Swan Nio was geboren in Kediri, Oost Java, anders dan haar ouders, die uit Canton, China afkomstig waren.
Kediri was een slaperig stadje dat soms werd opgeschrikt door het wassende water van rivier de Brantas. De plaatselijke bevolking van Kediri zei dat de rivier bewaakt werd door een witte krokodil. Hij leefde onder de grote brug en scheen van een andere aard dan de krokodil die werd bezongen in het volksliedje Terang Bulan:
Terang bulan, terang bulan di kali
(maneschijn, maneschijn op de rivier)
Buaya timbul, disangka mati
(een krokodil komt boven drijven, hij lijkt wel dood)
Jangan percaya mulut lelaki
(geloof nooit de mond van een man)
Berani sumpah, tapi takut mati
(hij durft te zweren, maar vreest te sterven)
De rivier lijkt altijd mooi bij maanlicht, maar pas op voor de krokodil, want die doet zich voor als een drijvende boomstam! Deze eerste regels kon de tienjarige wel begrijpen. Maar van de laatste regels begreep ze weinig. Dat was iets voor oudere mensen. Toen ze de liefde leerde kennen kwamen andere liedjes. Die waarschuwden niet, die beloofden. Vergeet de rivier, de krokodil, kijk omhoog naar de maan. En schrik niet als je mijn hand voelt op je ranke schouder.
Haagsche Courant, vrijdag 21 januari 2005


