Eenzaten rond mij heen
Nou had ik mijzelf op Sinterklaasavond op een zware dip willen trakteren, een depressie die tot en met de Kerst, nee tot en met Oud & Nieuw zou aanhouden, maar nu ik zo door de ramen naar de huizen rond mijn gevangenis kijk, moet ik vaststellen dat ik niet de enige ben die verstoken is van dat eigenaardige feest rond een man met een baard, geflankeerd door Zwarte Pieten. De vrouw aan de overkant, die zich elke avond weer ladderzat schijnt te zuipen, zit in haar eentje. In het hok boven haar heeft de kunsthistoricus evenmin mensen op bezoek. Het huis naast het zijne is nog altijd leeg en van de uitvinder daaronder weet je nooit of hij thuis is, aangezien hij nogal spaarzaam met zijn gloeilampen omgaat. De huizen aan de achterkant van mijn onderkomen vallen onder de noemer onroerend melkkoegoed. De doorstroming is er groter. Huizenmelkers stoppen er bij voorkeur vrouwen in. Typisch Hollands, de woningnood bewust hoog houden, opdat de handel in huurvee blijft floreren. Maar over onze regering wilde ik het helemaal niet hebben. Wat mij bijzonder verheugde was dat ik een nieuwkomer schuin links op tweehoog achter zag rondscharrelen. Ze droeg een heupbroek en een topje, die haar middel bloot lieten, en bewoog zich bijzonder soepel bij het uitpakken van haar huishoudelijke goederen. Helaas hing ze zo-even een gordijn op. Rood! Bijzonder prikkelend. Maar ook bij haar zullen Sinterklaas en zijn Slaven niet langskomen. De man toont namelijk een dubieuze voorkeur voor kinderen in grote gezinnen.


