Het verloren lied 19
Maria en ik liepen altijd samen naar school, tot elkaar veroordeeld, elk zonder enig broertje of zusje, uitzonderlijk in die tijd van grote gezinnen. Vanuit onze donkere portiekwoning kon je het witte houten gebouw met de grote ramen zien liggen, er liep een pad naar toe met halverwege een boogbruggetje.
We werden in het oog gehouden door haar moeder: ze keek ons na tot we voorbij de kruising waren en sloot dan pas de vitrages.
Op de kruising lieten kinderen zwaaiend met hun stopbordjes de auto’s voor de oversteekplaatsen wachten. Maria hoopte dat wij spoedig aan de beurt zouden zijn, de lerares telde wekelijks de lessenaars af. Zij zou als klaar-over een oranje hesje dragen, ik een koppelriem waarin ik mijn stopbordje kon wegsteken.
Maar die dag zou niet komen. Er kwam een andere, waarop ik haar iets vertellen moest. Maria treuzelde, bleef steeds even staan om haar kniekousen op te trekken. Ik had mijn mondharmonica niet bij me, ik zou niet meer voor haar spelen. Ik bedacht dat zij nooit eens een geheim had om met me te delen. Maar ik had er een, mijn familie zat vol geheimen, al wist ik dat zelf nog niet.
Ik had iets nieuws over mijn grootvader te horen gekregen, we hoefden ons geen zorgen meer te maken over verdwijning, hoe iemand er opeens niet meer is terwijl die op een of andere manier toch heel dichtbij kan zijn. Grootvader was niet verdwenen, hij werd alleen vermist.
Vermist.
Dat was het verschil. Hij was als vermist opgegeven. Dat betekende dat hij nog altijd ergens was, niet zo vreemd dichtbij in de schaduwen van de nacht. Verdwijnen betekende niet meer zichtbaar zijn, vermissen betekende dat iemand afwezig is. Zoiets. Men geloofde dat hij weer in levenden lijve gevonden kon worden, ergens aan de andere kant van de oceaan, in Indonesië.
Ik vertelde Maria van het geheim.
Ze hoorde me met open mond aan. In verwondering, bewondering. Ja. Maar ze trok alleen haar kniekousen op en liep zwijgend verder.
Toen zei ik dat we zouden gaan verhuizen.
Ze hield haar pas in, vroeg of het waar was, echt waar.
`Ja,’ zei ik en ze zette het op een lopen, het witte boogbruggetje over.
Meer lezen over de jaren zestig volgens Alfred Birney?
Bestel het boek bij: BolCom
Related posts:
- Het verloren lied 17
- Het verloren lied 16
- Het verloren lied 18
- Het verloren lied 1
- Het verloren lied 14
