Huilen in Den Haag

logo den haag feuilleton De Tong Tong Fair, waar ik mijn jongste novelle Rivier de Lossie had zitten signeren, was nog niet afgelopen of ik zat in een totaal andere Haagse sfeer: die van de misdaadroman, conspiracy stuff rond politiek and all that:

Het jaar 2010 zal vermoedelijk bekend worden als een roerig jaar in de Haagse geschiedenis. De politiek lijkt steeds meer het domein te worden voor populistische sentimenten. Blijft Den Haag de trotse stad voor Internationaal Recht en Vrede, of wordt het een stad waarin scheidslijnen haarscherp langs etnische of religieuze kenmerken worden gelegd? Wordt het huilen in Den Haag, of valt er ook nog wat te lachen? De krant Den Haag Centraal laat een estafettefeuilleton verschijnen waarin door verschillende auteurs, ieder op eigen wijze, over het Haagse lief en leed kritisch, humoristisch, literair, met een knipoog naar de actualiteit, als een pastiche of in welke andere vorm dan ook, wordt verhaald. Het verhaal speelt in Den Haag, met veel topografie, en alle emoties zitten er in: verdriet, woede, vreugde, romantiek, verraad en – wie weet – ook nog moord en doodslag.

Wekelijks verschijnt er een aflevering in Den Haag Centraal met een lengte van 1500 woorden. De afleveringen worden zonder auteursnaam gepubliceerd. Wel worden de namen van alle deelnemende auteurs wekelijks vermeld. Dit is voor de aan het estafettefeuileton gekoppelde publiekswedstrijd, waarbij men aan de hand van stijlkenmerken en dergelijke tracht vast te stellen wie de auteur van de week is. De hoogste eindscore wordt beloond met een prijs. Reeds verschenen afleveringen worden later wel met auteursnaam gepubliceerd op de website van Huilen in Den Haag. Het estafettefeuilleton zal worden gebundeld en in alle Haagse boekwinkels te koop zijn tijdens het evenement Huilen in Den Haag.

Parallel aan het feuilleton loopt een beeldwedstrijd. Bekroonde inzendingen worden periodiek in Den Haag Centraal gepubliceerd en zullen later in de Affiche Galerij in de tramtunnel en de Centrale Bibliotheek aan het Spui worden geëxposeerd.

De climax wordt een groot feest voor auteurs en publiek in de Centrale Bibliotheek aan het Spui. Het feest vindt plaats tijdens het UIT-weekend ergens in het najaar. Tijdens dit feest zal het boek met daarin de verzamelde afleveringen van het feuilleton worden gepresenteerd en de expositie van de bekroonde inzendingen van de beeldwedstrijd worden geopend.

Voor het estafettefeuilleton was ook ik gevraagd voor het schrijven van een aflevering. Het brein van het vooraf bedacht plot is Tomas Ross en ik en mijn collega’s hebben dan ook een nogal ingewikkeld slot voorgelegd gekregen. Ik had gevraagd mij zo vroeg mogelijk op de kalender te zetten, zodat ik kon ontsnappen aan allerlei losse eindjes die voorgaande auteurs laten liggen, want ja: daar kun je op wachten. Maar dat is ook wel de sport natuurlijk, je tekst zo goed en kwaad als maar mogelijk zo schrijven dat het verhaal goed blijft lopen. Ik was onlangs aan de beurt en moest wat troep opruimen van mijn voorgangers. Sommigen hadden zich er makkelijk vanaf gemaakt door de hoofdpersoon met veel introspectie rond te laten dolen. Dat had ik eigenlijk ook gewild, maar na een aantal (geplande) afleveringen dreigde het verhaal aan spanning en actie in te boeten, dus ik heb maar even wat bloed, seks, kidnapping en vaart in mijn aflevering gestopt. Ik heb nog nooit iemand een ander met een revolver overhoop laten schieten, maar nu ik dat heb laten gebeuren kan ik dat ook weer op mijn lijstje van fictionele ervaringen zetten. Benieuwd of mijn tekst er zonder redactionele verminkingen in komt te staan.

De gevraagde auteurs zijn verder Wim de Bie, Sjaak Bral, Bart Chabot, Inez van Dullemen, Mensje van Keulen, Yvonne Keuls, Kees van Kooten, Roel Janssen, Tomas Ross, Helga Ruebsamen, Kees Ruys, Hans Sahar, Jan Siebelink, Nicolette Smabers, Jill Stolk, Marcel Verreck en Lulu Wang. Wie er uiteindelijke allemaal meedoen is mij niet bekend.

De eerste aflevering, van Tomas Ross, verscheen in Den Haag Centraal op woensdag 26 mei 2010.

1 reactie op “Huilen in Den Haag

  1. Pingback: Alfred Birney - Doelwit Den Haag