Ik hoefde niet te lezen

hat logo meneer b Het verhaal De man in de blauwe kamerjas uit de gelijknamige bundel van F. van den Bosch schiet me te binnen. Ik heb er zelfs eens een deel in een essay aan gewijd. Maar geen moment aan dat verhaal gedacht, ik las niet in het ziekenhuis. Ik deed iets wat ik zelden doe: televisie kijken. Misschien gold hetzelfde voor de lezers om me heen: dat ze anders nooit een boek lezen. Verder keek ik veel uit het raam naar de wispelturige luchten boven de rommelige architectuur van de stad. De kamerjas waarin ik rondliep over de gang had een onbestemde paarsgrijze kleur. Ik was minder in de war dan de held van F. van den Bosch, die eerder kampte met de gevolgen van de narcose dan met de aandoening waarvoor men hem hardhandig knock-out had gespoten. Toen ik eens met F. van den Bosch ergens op een podium zat – ik denk Hengelo of Almelo, wat voor mij ongeveer hetzelfde is – verwarde de interviewster de schrijver F. van den Bosch met diens protagonist in de blauwe kamerjas. Ze vroeg hem waarom hij een voorkeur had voor Indische boven Hollandse verpleegsters. F. van den Bosch antwoordde dat Hollandse verpleegsters zo luidruchtig binnen konden komen op die Zweedse gezondheidsklompen van ze, die toen erg in de mode waren. De Indische verpleegster uit zijn verhaal had meer de geruststellende sluipgang van een liever tijger. Ik heb het niet kunnen checken. Ze liepen allemaal op sportschoenen. Bovendien viel er geen Indische verpleegster te bekennen.