Invasie van accordeonisten
Het beeld van een accordeonist bij een supermarkt is een stuk anders dan dat van een straatkrantverkoper. Een accordeonist is in beweging en brengt muziek, terwijl zo’n straatkrantverkoper veelal hinderlijk lijdzaam voor zich uit staat te kijken. Toen de eerste straatkranten verschenen, werden ze nog volgeschreven door de verkopers zelf, nu worden geloof ik tekstbureaus ingehuurd, of studenten van de School voor de journalistiek. Daklozen uit Moldavië, Armenië of Tadzjikistan die nauwelijks Nederlands spreken, kunnen nooit zo’n straatkrant volschrijven. Wie leest zo’n krant nou eigenlijk? Pakken ze een accordeon, dan biedt dat geen garantie voor fraaie muziek, maar voor een eenvoudig deuntje wil ik wel een halve euro in de hoed werpen. Ik betrapte mezelf op discriminatie een week of wat terug, toen ik een jongen, uit ik gok Albanië, zittend op een krukje op bescheiden afstand van de draaideur bij een supermarkt een melodietje zag spelen. Ik liep zelfs helemaal naar hem toe om een muntstuk in zijn hoed te werpen. Een paar dagen later zat er een oude vrouw te spelen, wie weet zijn moeder. Kleumend stak ze haar vingertoppen uit de afgeknipte wanten. Ze speelde hetzelfde melodietje, misschien zit er inmiddels een zus op te oefenen. Gisteren stond bij een andere supermarkt ook al een accordeonist. Hij was een stuk beter, zijn repertoire in elk geval rijker met tenminste een welkomstdeuntje en een afscheidsriedel. Opvallend is dat waar ik een accordeonist zie spelen, de straatkrantverkoper de wijk heeft genomen. Werkt hij aan een comeback als straatmuzikant misschien?


