Omweg

hat logo meneer b Om die ellendige halflege supermarkten op maandag te mijden, besloot ik een tocht te ondernemen naar de visboer. Een voettocht zou evenwel te lang duren, ik moest de fiets nemen. Verleden week beviel het fietsen niet erg, de Angio-Seal in mijn lies hinderde me. Dat ding is gemaakt van een bepaalde stof die drie maanden nodig heeft om af te breken, als ik goed ben ingelicht, en dicht de opening af die is gemaakt via welke met een katheter het knooppunt rond je hart wordt bereikt, waar de behandelende chirurgen meesterlijke capriolen uithalen om je kransslagader te verwijden met het opblazen van ballonnetjes en het plaatsen van stents, gemaakt van gevlochten metaal. Deze geneeskunst zal ongetwijfeld over vijftig jaar als middeleeuws worden afgedaan, maar over medische zaken wil ik het helemaal niet hebben. Het fietsen ging goed en bedaard in een oudemannenversnelling bij absolute windstilte. Alleen de visboer was gesloten, zowel de Hollandse als de Egyptische. Kunnen die twee geen afspraken maken over hun vrije dagen of wat? Willen ze het soms doen voorkomen alsof hun eigen vloot elke maandag uitvaart en pas op dinsdagochtend terug is? Om een lang verhaal kort te maken: ik kwam toch nog in die afgrijselijke, chagrijnige supermarkt terecht. Uiteraard werd ik gedwongen ingrediƫnten te kopen voor zoiets als spaghetti, aangezien al het overige op was. Thuisgekomen viel ik in slaap, waarschijnlijk van die fietstocht voor 120-jarigen. En uiteindelijk kwam ik terecht bij de Indonesische toko, voor een portie nasi goreng met, jawel, hete vis.