Alfred Birney boeken, columns, essays, artikelen, weblog

logo alfred birney

Auteur    Boeken    Publicaties    Archief    Contact   

Posts Tagged ‘lied’

Het verloren lied 20

We verhuisden midden in de zomervakantie, ik was negen geworden, we vertrokken geloof ik met huurschuld, misschien omdat grootvaders toelage weg was gevallen, er werd geheimzinnig over gedaan.
Ons nieuwe huis lag in een blok naoorlogse portiekwoningen aan een asfaltweg met uitzicht op weilanden. In de verte de rotte onderkaak van Loosduinen onder een wispelturige [...]

Het verloren lied 18

Op een keer liet ik Maria de noten horen die misschien in de buurt kwamen van het lied dat ik ooit hoorde. Ik verzon er iets achteraan en vroeg of ze het mooi vond.
Ze knikte.
Ik maakte er een raadseltje van in de ijdele hoop dat ze met de oplossing kon komen.
`Jij hebt niks lekkers te [...]

Het verloren lied 17

We hadden ons plekje op de onderste trappen in de portiek. We zaten er na schooltijd, de voordeur van Maria in onze rug, totdat ze door haar moeder naar binnen werd geroepen. Maria zei nooit veel, scheen me soms zelfs niet eens te horen, maar ze luisterde naar mijn mondharmonica. Verder deed ze weinig [...]

Runnin gag in Rivier de Lossie

Dit is de runnin’gag in mijn recente novelle Rivier de Lossie. Het nummer is opgenomen in 1966 en op een bootleg (illegale LP) verspreid. Er was één exemplaar verkrijgbaar in Den Haag. Ik kocht het op 1 september 1973 (ik noteerde destijds datums aan de binnenkant van grammofoonplatenhoezen. Het nummer The Ferryman’s Daughter is het [...]

Het verloren lied 15

Toen grootmoeder vertrokken was, kwam het licht terug in onze woning. En in de hoofden en benen van mijn ouders. Ze konden dansen, die twee, op lakschoenen en in pantalon met krijtstreep, op hoge hakken en in kousen met een naad, zomaar in de huiskamer of in de gang op een liedje uit de radio:
Que [...]

Het verloren lied 12

Ik lig avonden lang te staren naar het lichtspleetje tussen de gordijnen. Voordat de slaap me vindt, zie ik de grote oceaanstomer met al zijn lichtjes, een fonkelende parelketting in de donkere zee. Mijn grootvader zit ergens verstopt in de grote buik van de danszaal, waar hij speelt voor de mensen in avondkleding. Hij [...]

Het verloren lied 9

Mevrouw Langenacht-Van Straeten bleef een maand logeren. Ze at nauwelijks van de speciale maaltijden die mijn moeder in een zeldzame bevlieging van kookkunst bereidde. Ze staarde over tafel uit het raam, waarachter de bomen van het Zuiderpark aarzelend begonnen te bloeien. Ze zweeg. Ze zwegen alledrie aan de ronde tafel. Ik wilde vragen over [...]

Het verloren lied 6

Op een avond in het voorjaar werd ik wakker van de deurbel. Er waren boodschappers aan de deur, ze klonken bezorgd. Ik hoorde mijn ouders haastig vertrekken, ze vergaten zelfs een blik in mijn kamer te werpen om te kijken of ik wel sliep. Ik ging uit bed en gluurde door de gordijnen naar [...]

Het verloren lied 4

Een naoorlogse laan met jonge bomen langs grauwe huizenblokken tegenover het Zuiderpark. Een kleine driekamerwoning boven een donker portiek. Het is niet ons eerste, niet ons laatste huis. De buren klagen over de saxofoon, de accordeon en de piano. Misschien vragen ze zich af wat mijn ouders doen voor de kost. Leunend met mijn [...]

Het verloren lied 3

Het is een tijd waarin de radio dagelijks marsen, walsen en hoorspelen uitzendt en het laatste nieuws besluit met het volkslied. Als de radio in de huiskamer zwijgt, wordt de avond intens, vol van schaduwen, en staar ik uit mijn bed naar het lichtspleetje dat de straatlantaarn tussen de gordijnen tovert. Het kan zich [...]

← Before