Tanizaki en Kawabata
Voor ik dit onderkomen betrad, een jaar of acht geleden, was mijn boekenkast het toonbeeld van ordening. Ik betrad dit huis, schroefde een degelijke boekenkast tegen de muren, kwakte er mijn boeken in en keek er niet meer naar om. Geen idee hoeveel titels er staan. De afgelopen dagen heb ik in elk geval alle Japanse titels tussen de boekenruggen uit kunnen vissen. Ze staan nu op een aparte plank. ‘De liefde van een dwaas’ – bekend als ‘Naomi in Engelse vertaling – van Tanizaki zit er niet bij. Van hem heb ik alleen het latere ‘Dagboek van een oude dwaas’. Ik heb het boek nooit kunnen uitlezen, hoe vaak ik er ook aan ben begonnen. Tanizaki’s stijl ligt mij niet. Misschien bevalt mij zijn Lolita-thematiek al evenmin. Tanizaki is interessant om te vergelijken met Nabokov, althans wanneer je de nimfijnen zoekt en de mannen die zich door hen laten dollen. Kawabata voerde in zijn roman ‘Het geluid van de berg’ eveneens een nimf op, maar anders dan Tanizaki en Nabokov. Beschreven wordt de liefde van een 61-jarige zakenman voor zijn jonge schoondochter, met wie hij de liefde voor flora en fauna deelt. Deze liefde is platonisch. Zuiver. Kawabata kéék. Veel van zijn romanfiguren kwamen niet verder dan kijken, als ik mij zijn boeken goed herinner. In ‘De schone slaapsters’ krijgt een man een meisje bij zich, maar hij mag haar niet aanraken. Het meisje slaapt. De man slaat haar gade, denkt na, het meisje geeft geen aanstoot. Ze ís.


